We moeten onze nek uitsteken | De bittere realiteit achter de asiel opvang in Aalsmeer
- Ben Steenstra
- 2 uur geleden
- 6 minuten om te lezen
Als je je nek uitsteekt, kan het je de kop kosten. We kennen de uitspraak allemaal, maar wat betekent die eigenlijk? En dan bedoel ik niet de letterlijke betekenis, maar de spreekwoordelijke. Ik heb het gisteren aan den lijve mogen meemaken en ik kan je vertellen dat de betekenis voor mij nu echt begint in te zinken.
Het is zondagmiddag. Na maanden, of eigenlijk jaren, van onrust in het land over een diversiteit aan onderwerpen, zoals oorlogen, massamoorden in Gaza door Israël, de energiecrisis, inflatie en de enorme vluchtelingeninstroom, komt er een bericht voorbij over de uit de hand gelopen rellen tegen een AZC in Loosdrecht. Een dorp niet ver van waar ik vandaan kom.
De mainstreammedia staan vol met berichten over hoe dat rechtse tuig alleen maar onrust aan het stoken is en dat er zelfs een politieagent gewond is geraakt. Dat er over de hoofden van de inwoners heen, en dus zonder inspraak, door een ad‑interim‑burgemeester ineens besloten is om een bepaalde locatie aan te wijzen als opvangplek voor nog eens 120 vluchtelingen, deed de media af als bijzaak.
Ik hoefde niet lang door te zoeken. Door simpelweg nieuws te bekijken dat niet tot de mainstreammedia behoort, zag ik beelden waarop vreedzame mannen, vrouwen en zelfs kinderen tot moes geslagen werden omdat het de burgemeester niet beviel dat er een tegenstem was. Uit het niets daalden de knuppels genadeloos neer op weerloze burgers. Het raakte me. De beelden uit de coronatijd kwamen als een flits terug in mijn geheugen. Want ook toen was de knuppelbrigade van de overheid keer op keer ijveriger dan noodzakelijk was.
Olie op het vuur door ondernemer Danny van Duinen
Ik schenk mezelf een kopje koffie in en scroll wat doelloos door Facebook, in de hoop mijn gedachten te verzetten naar iets onverwacht positiefs. Maar helaas: twee keer scrollen verder staat er een bericht dat ondernemer Danny van Duinen van Hotel Restaurant De Jonge Heertjes in het centrum van Aalsmeer een deal heeft gesloten met het COA om 40 nareizigers op te vangen. De gemeente zou van niets weten, de inwoners moeten het maar ter kennisgeving aannemen en over enkele dagen zouden ze geïnstalleerd worden.
Vier keer knipperen met mijn ogen liet het bericht niet van mijn netvlies verdwijnen, dus ik lees het nog een keer. Er is dus een ondernemer die, met kennis van de recente rellen in Loosdrecht en de landelijke onrust over de gedwongen opvang van immigranten in dorpen en steden, besluit om nog meer olie op het vuur te gooien. En niet omdat deze meneer zo’n groot hart heeft, maar omdat het megalucratief is!
Hoewel het maar om 40 personen zou gaan en slechts voor de duur van vier maanden, is het in het hartje van Aalsmeer. Daarna komt het echter op het bordje van de gemeente zelf te liggen.
Dweilen met de kraan open
Ik vond wat van de egocentrische actie van Danny. Heel erg veel vond en vind ik ervan. Want wat is hier nou gaande?
Jaren geleden had ik midden in de nacht, tijdens een hevige storm, een enorme lekkage in mijn dak. Al het water dat zich had opgehoopt op het platte dak van mijn bijkeuken gutste over de vloer en de plensregen vulde dit ritmisch aan. Mijn vrouw stond al klaar met een emmer en een dweil, maar daar was geen beginnen aan. We moesten eerst het dak fixen, anders was het dweilen met de kraan open.
En dat is nu precies wat het COA doet. Het strooit gouden bergen aan iedereen die de symbolische dweil wil hanteren: een paar vluchtelingen opvangen, terwijl de poorten van het land, tegen de verkiezingsbelofte in, wagenwijd open blijven staan. Het is echt niet zo dat niemand spreekwoordelijk wil helpen dweilen, maar niet zonder het lek te dichten en zeker niet zonder overleg. En dat is de reden dat men overal de straat op gaat om te protesteren. Niet omdat ze tegen vluchtelingen of het bieden van hulp aan mensen in nood zijn, maar omdat we overdonderd worden door de reusachtige goudmijn die het COA voor bepaalde ondernemers is geworden.

De gemiddelde Nederlander kan amper de boodschappen betalen, kan geen huis vinden, en het COA strooit met geld. De ondernemer strijkt het op en voor je het weet loop je over straat en herken je je eigen buurt niet meer, omdat het letterlijk zwart ziet van de mensen.
Actie in de taxi
In een opwelling besluit ik de Facebookgroep “Aalsmeer in Verzet” op te zetten en roep ik op om twee dagen later, op 28 april, voor de deur van het hotel te gaan demonstreren. Het was geen doordacht plan, geen strategisch besluit en zeker geen actie waarbij alle voors en tegens zorgvuldig waren afgewogen. Ik dacht simpelweg dat ik “iets” moest doen en gaf me over aan mijn impuls.
Binnen een paar uur hadden de eerste 40 leden zich aangemeld en ging ik met een tevreden gevoel naar bed. De volgende ochtend had een inwoner spontaan een flyer opgemaakt en niet veel later werden er een beamer en een muziekinstallatie aangeboden. Terwijl het aantal leden opliep, besefte ik dat het dan dus echt ging gebeuren: mijn eerste 'voortrekkersrol' bij een demonstratie.
Met de teller op 85 leden en nog zo’n tien uur te gaan, werd ik gebeld door de coördinator landelijke veiligheid. Of ik de initiatiefnemer was, of ik de demonstratie had aangemeld en hoeveel mensen ik verwachtte. Ik antwoordde beleefd dat ik slechts een Facebookgroep had opgericht, niets had aangemeld en werkelijk geen idee had wat ik wel of niet moest verwachten. Hij zou contact opnemen met de burgemeester en nog van zich laten horen. Toen ik ophing, viel het kwartje pas.
Misschien ga ik net zo’n rel veroorzaken als in Loosdrecht. Of misschien komt er niemand en zit de ophef alleen in mijn hoofd. Waarom doe ik dit eigenlijk?
Vijf minuten later gaat opnieuw de telefoon. Een journalist. Een kwartier later nog een journalist. Fuck, dit kan groter worden dan ik had voorzien. Of toch niet?
Na de lunch ga ik op bezoek bij een kennis die lokale winkelier is. “Ben, weet je waar je aan begint, jongen!” was zijn begroeting. “Je jaagt veel mensen tegen je in het harnas en ik sta achter je, maar kan mijn naam hier niet aan verbinden!” Onderweg terug naar huis kom ik een andere kennis tegen die roept: “Pas je op dat ze je huis niet in de fik steken?” Dat gaat lekker, dacht ik bij mezelf.
Eenmaal terug op mijn kantoortje krijg ik het bericht van de landelijke coördinator veiligheid dat de demonstratie is toegestaan. Ik hang nog niet op, of er rijden zeven ME‑busjes door mijn straat, op weg naar het plein waar de demonstratie plaats zal vinden. Het WhatsApp‑berichtje van een kennis die al ter plaatse is, meldt dat er een arrestatiebus, verschillende motoragenten en een drone zijn gesignaleerd. De politie lijkt meer van plan dan mijn intentie is, dacht ik bij mezelf.
Het is 19:00 uur en we gaan beginnen. Als ik aankom staan er zo’n 50 personen, omringd door politie en ME achter de schermen. Ik raak direct in gesprek en terwijl ik probeer uit te leggen dat het mij niet gaat om niet willen helpen, kan ik mijn zin niet eens afmaken door een boze bewoner die schreeuwt: “Wat loop je nou stom uit je nek te lullen! Dit land gaat naar de verdoemenis…” Als ik me omdraai zie ik in de verte tien personen met bordjes “Welkom”, de tegendemonstranten dus.
Wat twee dagen geleden een goed idee leek, laat me nu belanden in drie groepen mensen die ontevreden zijn. De groep die mij te soft vindt, de groep die mij te hard vindt en meneer Danny met zijn vrienden die beseffen dat deze actie hun een hoop geld door hun neus kan boren. En dan heb ik het nog niet eens over de vluchtelingen die hadden gehoopt compleet verzorgd in Aalsmeer te kunnen gaan wonen. Het is een situatie waar eigenlijk geen goede uitkomst voor is, maar niets doen is toch ook geen optie?
En ja, als je je nek uitsteekt, kan dat je kop kosten. Naast de boze groepen mensen zijn er ook een heel aantal bestaande klanten die liever niet meer met je in zee gaan als je dit soort initiatieven organiseert. Zelfs niet als je er persoonlijk voor probeert te zorgen dat het allemaal netjes verloopt.
En als stank voor dank claimt de burgemeester dat het allemaal zo netjes verlopen is dankzij het soort inwoners van Aalsmeer. Dat ik er zelf een einde aan maakte na 1,5 uur omdat een aantal potentieel radicale elementen toen aankwam, had natuurlijk niets te maken met dat het rustig bleef. Dank je wel, burgemeester Gido Oude Kotte die (zogenaamd) niets van deze deal af wist. Misschien wordt het tijd dat jij nu eens je nek gaat uitsteken en de inwoner gerust gaat stellen door hier een stokje voor te steken! Dan is de rust binnen no time weer terug in dit normaal zo vredige dorpje.













Opmerkingen