top of page
  • LinkedIn
  • Youtube
  • Black Facebook Icon
  • Black Instagram Icon
  • X
  • Pinterest
  • Reddit

Hoe schrijf je een afscheidsspeech die de overledene én de nabestaanden eert?

1 dag geleden
20 minuten om te lezen

Bijgewerkt op: 13 uur geleden

Wie een afscheidsspeech schrijft voor een begrafenis of crematie vraagt zich meestal af: wat moet ik vertellen?


Maar misschien is dat niet de eerste vraag.


De eerste vraag is: voor wie spreek ik eigenlijk?


Je spreekt tegen iemand die niet meer kan antwoorden. Je vertelt over iemand die voor iedereen in de ruimte iets anders heeft betekend. En ondertussen neem je ook jezelf, je herinneringen en je eigen verdriet mee.


Man spreekt familie en vrienden toe tijdens een afscheidsceremonie.

Aan het einde van dit artikel kun je zowel een oorspronkelijke afscheidsspeech als de herschreven versie volledig lezen. Om de privacy van de betrokkenen te beschermen, noem ik de overledene Bart. De andere namen zijn vervangen door hun relatie tot hem.


Een goede afscheidsspeech maakt de overledene herkenbaar met enkele concrete herinneringen. Je spreekt vanuit je eigen ervaring, onderscheidt feiten van interpretaties en laat ruimte voor de herinneringen van andere nabestaanden. Je hoeft moeilijke kanten niet te verbergen, maar je moet wel begrijpen waarom je ze op dit moment wilt benoemen.



Wanneer een afscheidsspeech te veel wil vertellen


Onlangs las ik een afscheidsspeech die iemand had geschreven voor zijn overleden zwager. We noemen hem in dit artikel Bart.


Hij kwam niet moeilijk uit zijn woorden. Het waren er juist heel veel.


Dertig jaar aan liefde, loyaliteit, ruzies, verdriet, humor, alcohol, wantrouwen, familieproblemen en mooie herinneringen stonden in één speech.


Waarschijnlijk was bijna alles wat hij schreef voor hem waar.


Toch zag ik Bart tijdens het lezen langzaam verdwijnen.


De speech vertelde niet alleen wie Bart was geweest. De schrijver probeerde ook zijn gedrag te verklaren, oude conflicten te begrijpen en vast te stellen wat er volgens hem was misgegaan.


Dat is begrijpelijk. Bij een overlijden ontstaat gemakkelijk het gevoel dat dit de laatste kans is om alles nog één keer te zeggen.


Maar de laatste kans om iets te zeggen, is niet automatisch het juiste moment om alles te zeggen.


Ik maakte daarom een tweede versie.


Niet om Bart mooier te maken. Wel om opnieuw te bepalen wie of wat iedere zin moest dienen.


Vier perspectieven in iedere afscheidsspeech


Een afscheidsspeech gaat nooit alleen over de overledene.


Er zijn altijd vier perspectieven aanwezig:


  • Jij als spreker.

  • De persoon over wie je spreekt.

  • De feiten en omstandigheden.

  • De mensen die naar je luisteren.


Die vier hoeven niet allemaal evenveel ruimte te krijgen. Maar wanneer één perspectief al het andere verdringt, verandert de speech.


Een persoonlijke herinnering kan de ander zichtbaar maken. Diezelfde herinnering kan ook vooral over de spreker gaan.


Een feit kan noodzakelijke context geven. Het kan ook worden gebruikt om alsnog iets te bewijzen.


Een eerlijke uitspraak kan iemand herkenbaar maken. Maar eerlijkheid kan ook veranderen in een oordeel waarop geen antwoord meer mogelijk is.


En een zaal vol nabestaanden kan zich herkennen in jouw woorden. Of het gevoel krijgen dat jouw versie van de overledene de enige juiste versie is.


1. Hoeveel van jezelf hoort in een afscheidsspeech?


Een afscheidsspeech mag persoonlijk zijn. Sterker nog, zonder jou wordt het al snel een algemene beschrijving die door iedereen uitgesproken had kunnen worden.


Je mag vertellen wat iemand voor je betekende. Wat je hebt meegemaakt. Wat je mist. Waar je dankbaar voor bent en misschien zelfs waar je mee hebt geworsteld.


Maar iets over jezelf vertellen heeft in een afscheidsspeech een functie.


Het moet de relatie of de ander zichtbaar maken.


In de oorspronkelijke speech vertelde de schrijver uitgebreid over zijn scheiding, wat anderen hem hadden aangedaan en hoe slecht hij zich voelde. In de tweede versie bleef daarvan alleen de essentie over:


Na mijn scheiding zat ik er volledig doorheen. Jij bleef naast mij staan.

De scheiding staat er nog steeds in. Maar de aandacht verschuift onmiddellijk naar Bart.


Daarna volgt de herinnering dat Bart op zijn fiets stapte om hem te zoeken, omdat hij bang was dat het niet goed met hem ging.


Wat de spreker meemaakte is relevant, omdat het laat zien wat Bart deed.


Dat is een belangrijk verschil.


Je kunt jezelf centraal zetten in een speech over iemand anders. Je kunt jezelf ook gebruiken als getuige van wie die ander voor jou is geweest.


De vraag die daarbij helpt is eenvoudig:


Als ik dit over mezelf vertel, wordt de ander dan zichtbaarder of vooral mijn eigen verhaal groter?


2. Hoe vertel je wie de ander werkelijk was?


Tijdens een afscheid willen we iemand graag eren. Daardoor ontstaan gemakkelijk woorden als lief, zorgzaam, loyaal, bijzonder en onvergetelijk.


Die woorden kunnen oprecht zijn. Maar ze laten nog niet zien wie iemand was.


Een herinnering doet dat meestal beter.


Je kunt zeggen dat iemand zorgzaam was. Je kunt ook vertellen dat hij op zijn fiets stapte om je te zoeken toen hij bang was dat het niet goed met je ging.


Je kunt zeggen dat iemand behulpzaam was. Je kunt ook vertellen hoe hij jouw moeder op haar sterfbed voorzichtig goed legde, ondanks alles wat er tussen hen was gebeurd.


Je kunt zeggen dat iemand eigenwijs was. Je kunt ook vertellen dat hij bij jullie eerste ontmoeting naar jouw aquariumachterwand keek en onmiddellijk wist dat je het helemaal verkeerd deed.


Dan komt iemand weer even binnen.


Dat is wat verhalen kunnen doen. Een eigenschap vertelt ons wat we van iemand moeten vinden. Een concrete herinnering laat ons die persoon zelf ervaren.


Iemand eren betekent niet dat je alleen zijn mooie eigenschappen noemt. Mensen herkennen hun vader, moeder, partner, vriend of collega meestal juist in de combinatie van het mooie en het moeilijke.


In de herschreven speech staat daarom:


Beschermen was jouw manier van liefhebben. Misschien niet altijd subtiel, maar subtiel stond sowieso niet bovenaan jouw lijst met favoriete eigenschappen.

Bart wordt niet ineens een gemakkelijk mens. Zijn gebrek aan subtiliteit blijft bestaan. Maar het wordt verbonden met de manier waarop hij liefhad.


Eren is niet hetzelfde als idealiseren.


Je eert iemand wanneer je hem herkenbaar maakt zonder hem te reduceren tot jouw oordeel.


3. Wat is een feit en wat is jouw waarheid?


In een emotionele speech lopen feiten, herinneringen en interpretaties gemakkelijk door elkaar.


Dat Bart op zijn fiets stapte om iemand te zoeken, is een gebeurtenis.


Dat hij dat deed omdat hij loyaal was, is de betekenis die de spreker eraan geeft.


Dat Bart en zijn vrouw ruzie maakten, kan een feit zijn.


Waarom zij ruzie maakten, welke patronen daarachter zaten en wie daarin welke verantwoordelijkheid droeg, is al veel meer een interpretatie.


In de oorspronkelijke speech stonden uitspraken over verwend zijn, kritiek niet kunnen verdragen, vastlopen in patronen en steeds minder mogelijkheden zien om daaruit te komen.


Misschien heeft de schrijver dat werkelijk zo ervaren. Maar zijn ervaring is nog niet automatisch de volledige waarheid over Bart.


Dat onderscheid is belangrijk, zeker wanneer degene over wie je spreekt niet meer kan reageren.


Je kunt zeggen:


Zo heb ik jou gekend.

Dat is iets anders dan zeggen:


Zo was jij.

De eerste zin laat ruimte voor andere ervaringen. De tweede maakt jouw ervaring definitief.


Ook moeilijke feiten mogen onderdeel zijn van een afscheidsspeech. Soms kan een ziekte, verslaving, conflict of moeilijke periode niet worden weggelaten zonder een oneerlijk verhaal te vertellen.


Maar een feit heeft alleen een plaats wanneer het helpt om de persoon, de relatie of het afscheid te begrijpen.


Eerlijk spreken betekent niet dat iedere gedachte die waar voelt ook uitgesproken moet worden. Het vraagt dat je onderscheid maakt tussen een waarneming, jouw gevoel en de betekenis die jij eraan geeft. Dat onderscheid speelt ook een belangrijke rol bij geweldloze communicatie en spreken vanuit jezelf.


De vraag is daarom niet alleen of iets waar is.


De vraag is ook:


Waarom wil ik dat juist dit feit vandaag door iedereen wordt gehoord?


4. Hoe houd je rekening met de mensen die luisteren?


Iedereen bij een afscheid neemt afscheid van iemand anders.


De partner neemt afscheid van een geliefde. Een kind van een ouder. Een collega van iemand met wie jarenlang is gewerkt. Een broer of zus van iemand die al bestond voordat veel andere aanwezigen hem leerden kennen.


Al die mensen hebben hun eigen herinneringen. Soms herkennen zij jouw verhaal onmiddellijk. Soms hebben zij een heel andere kant van dezelfde persoon meegemaakt.


Je eert de toehoorders niet door namens hen te spreken. Je eert hen door ruimte te laten voor hun eigen relatie met de overledene.


Daarom is deze zin uit de tweede versie belangrijk:


Iedereen hier zal zijn eigen herinneringen aan jou hebben.

En later:


Mijn Bart is de man die voor zijn vrouw ging staan. De man die hun hond aanbad. De man die mij na mijn scheiding niet liet vallen.

De spreker zegt niet wie Bart uiteindelijk werkelijk was.


Hij vertelt wie Bart voor hem was.


Daardoor hoeft niemand in de ruimte zijn eigen herinnering op te geven om naar de speech te kunnen luisteren.


Goede communicatie gaat niet alleen over duidelijk zeggen wat jij bedoelt. Het gaat ook over begrijpen wat jouw woorden bij een ander kunnen doen. Dat geldt in een zakelijk gesprek, maar misschien nog sterker op een moment waarop liefde, verlies en verdriet zo dicht bij elkaar liggen. In de kunst van effectiever communiceren schrijf ik uitgebreider over die verantwoordelijkheid tussen spreker en luisteraar.


Je krijgt tijdens een afscheid een podium voor jouw verhaal.


Maar de ruimte is niet alleen van jou.


De positie van de spreker bepaalt de speech


Het grote verschil tussen de oorspronkelijke en de herschreven speech zit niet alleen in de lengte of de formuleringen.


De spreker neemt een andere positie in.


In de eerste versie is hij soms familielid, aanklager, verdediger, psycholoog en geschiedschrijver tegelijk. Hij probeert Bart en de mensen om hem heen te verklaren.


In de tweede versie wordt hij vooral getuige.


Hij vertelt wat hij zelf met Bart heeft meegemaakt. Hij laat met concrete herinneringen zien wat Bart voor hem betekende. Hij benoemt diens moeilijke kanten zonder daar een definitief oordeel over uit te spreken. En hij laat de andere aanwezigen ruimte voor hun eigen Bart.


Versie 1 wil dat we Bart begrijpen.


Versie 2 zorgt ervoor dat we hem even ontmoeten.


De eerste versie hoeft niet verkeerd te zijn


Misschien was de oorspronkelijke speech nodig om tot de tweede te kunnen komen.


Voordat je kunt kiezen wat je tijdens een afscheid wilt zeggen, moet je soms eerst opschrijven wat er allemaal in je zit.


Ook de boosheid. De teleurstelling. De vragen waarop nooit meer een antwoord komt. De dingen die je iemand kwalijk nam en de woorden die je nooit hebt uitgesproken.


Die eerste tekst mag volledig van jou zijn.


Daarna komt een andere vraag:


Is alles wat ik moest opschrijven ook iets wat de anderen moeten horen?


Sommige zinnen helpen jou om afscheid te nemen. Andere zinnen helpen de mensen in de ruimte om afscheid te nemen. Dat zijn niet altijd dezelfde zinnen.


Weglaten is dan geen ontkenning.


Je geeft een gevoel alleen een andere plaats.


Een eenvoudige opbouw voor een persoonlijke afscheidsspeech


Er bestaat geen vaste formule voor een goede afscheidsspeech. Wel kan een eenvoudige volgorde helpen.


Begin met een herkenbaar beeld


Open met een moment, uitspraak, voorwerp of eigenschap waardoor de persoon onmiddellijk in de ruimte komt.


In deze speech is dat het Fuck Tis-shirt en de verwachting dat Bart die ongepaste keuze waarschijnlijk wel kon waarderen.


Vertel wat jullie relatie bijzonder maakte


Leg niet de hele geschiedenis uit. Benoem wat deze persoon juist in jouw leven betekende.


Kies twee of drie concrete herinneringen


Zoek geen herinneringen die bewijzen dat iemand perfect was. Kies momenten waarin zijn of haar karakter zichtbaar wordt.


Laat ook iets van de moeilijke kant bestaan


Een afscheid hoeft geen heiligverklaring te worden. Een eigenzinnigheid, botsing of tekortkoming kan iemand juist herkenbaar maken wanneer je die zonder afrekening benoemt.


Geef anderen ruimte voor hun eigen herinnering


Maak duidelijk dat jij jouw versie van deze persoon vertelt. Niet de enige mogelijke versie.


Eindig met één beeld


Probeer een leven niet alsnog samen te vatten. Laat liever één beeld achter dat mensen kunnen meenemen.


In de herschreven speech is dat de hond die misschien achter een deur op Bart staat te wachten.


En Bart die, voordat hij goed en wel binnen is, waarschijnlijk eerst uitlegt hoe die deur eigenlijk opgehangen had moeten worden.


Vijf vragen voordat je de speech uitspreekt


Lees je speech nog één keer en stel jezelf deze vragen:


  • Vertel ik iets over mezelf omdat het de ander zichtbaar maakt?

  • Beschrijf ik wat ik heb meegemaakt, of doe ik alsof mijn ervaring de volledige waarheid is?

  • Helpen de feiten om deze persoon te begrijpen, of probeer ik nog iets te bewijzen?

  • Laat ik ruimte voor mensen die een andere relatie met hem of haar hadden?

  • Welk gevoel of beeld blijft achter wanneer ik mijn laatste zin heb uitgesproken?


Een afscheidsspeech hoeft niet alles te vertellen om waar te zijn.


Je hoeft iemand niet mooier te maken dan hij was. Je hoeft ook niet alles wat nog pijn doet mee het podium op te nemen.


Je mag vertellen wie deze persoon voor jou was.


Zolang je blijft beseffen dat je tegen iemand spreekt die niet meer kan antwoorden, voor mensen die verder moeten met wat jij zegt.


De oorspronkelijke versie


De oorspronkelijke versie staat hieronder volledig. Juist de moeilijke passages maken zichtbaar hoe liefde, verdriet, boosheid, interpretatie en de behoefte om iemand te verklaren in één tekst terecht kunnen komen.


Zonder die passages lijkt het misschien alsof de herschreven versie alleen korter en vriendelijker is geworden. Het werkelijke verschil zit dieper. De positie van de spreker verandert, feiten krijgen een andere functie en de toehoorders krijgen meer ruimte voor hun eigen herinneringen.


Lees de oorspronkelijke versie daarom niet als voorbeeld van hoe een afscheidsspeech zou moeten klinken. Lees haar als een eerlijke eerste tekst van iemand die nog probeert te begrijpen wat dertig jaar met een ander mens voor hem heeft betekend.


---


Daar sta ik dan.


Met mijn Fuck Tis-shirt aan.


Ik denk dat jij daar waarschijnlijk smakelijk om zou kunnen lachen.


Want als jij ergens van hield, dan was het wel van een beetje sensatie, een beetje reuring en vooral van een stevige mening.


En een stevige mening had je.


Dat ontdekte ik al bij onze eerste ontmoeting.


Ik was thuis in de schuur bezig met, volgens mij, mijn vijfhonderdste aquariumachterwand te maken.


En jij keek ernaar.


Je zei eigenlijk vrijwel onmiddellijk dat ik het helemaal verkeerd deed.


Je wist meteen hoe het moest.


Dat was mijn eerste kennismaking met Bart.


En achteraf gezien was dat misschien wel een perfecte introductie.


Want jij kwam niet bepaald voorzichtig binnen.


Je was aanwezig.


Je had een mening.


En als jij vond dat iets niet klopte, dan hoorde je dat.


Maar er was iets anders wat ik vanaf het begin zag.


Toen jij in het leven van mijn zus kwam, nam jij eigenlijk de plek over die mijn moeder jarenlang had ingenomen.


De beschermende paraplu boven mijn zus.


Of het nu terecht was of niet, jij ging voor haar staan.


Letterlijk en figuurlijk.


Op kermissen, op feesten, overal.


Als er iets met mijn zus was, stond jij ertussen.


En eerlijk gezegd werd zij daar soms helemaal gek van.


Maar jij deed het wel.


Je koos voor haar.


Net zoals mijn moeder dat altijd had gedaan.


En daarmee begon ook een heel ingewikkelde geschiedenis.


Want mijn zus en jij waren niet bepaald een rustig stel.


Jullie konden elkaar ontzettend liefhebben.


En jullie konden elkaar ook verschrikkelijk in de weg zitten.


Jullie waren allebei verwend.


Niet alleen met spullen of eten of drinken.


Maar ook in de betekenis dat jullie allebei gewend waren geraakt aan mensen die om jullie heen gingen staan wanneer het moeilijk werd.


Kritiek was dan niet altijd gemakkelijk te verdragen.


Feedback kon voelen als een aanval.


En als je niet weet wat je met die kritiek moet, kun je gaan verdedigen, wegduiken, boos worden of iemand anders zoeken die zegt dat jij gelijk hebt.


Dat patroon heb ik bij jullie allebei gezien.


En juist daardoor werd jullie relatie zo ingewikkeld.


Maar er was één wezenlijk verschil tussen wat ik toen zag en wat ik later begreep.


Achter jullie gedrag zat heel veel pijn.


En die pijn werd steeds groter.


Na mijn scheiding veranderde ook mijn relatie met jou.


Ik was totaal naar de klote.


Ik was slachtoffer geworden van roddel en achterklap en had het gevoel dat de hele wereld mij veroordeelde.


Maar jij deed iets wat ik nooit ben vergeten.


Jij bleef naast mij staan.


Jij hoorde mijn verhaal en zei in feite:


Dit klopt niet.


Waar anderen al een oordeel hadden gevormd, bleef jij vragen stellen.


En als jij eenmaal vond dat iemand onrecht werd aangedaan, dan ging je ervoor.


Niet een beetje.


Vol erin.


Ik herinner me nog een van mijn vele wandeltochten in die periode.


Ik was er zo slecht aan toe dat jij bang was dat ik mezelf iets zou aandoen.


Dus stapte jij op je fiets.


Toen nog zonder elektrische ondersteuning.


En je ging mij zoeken.


Letterlijk.


Omdat jij wilde weten waar ik was.


Dat is Bart.


Dat was jij.


Je kon ontzettend moeilijk zijn.


Maar als jij dacht dat iemand gevaar liep, kwam je in beweging.


En dat vergat ik nooit.


We kregen in die jaren een heel intens contact.


We praatten uren.


Over mijn leven.


Over jouw leven.


Over mijn zus.


Over werk.


Over relaties.


Over dingen waar je normaal gesproken misschien niet zomaar over praat.


Jij vertelde mij ook dingen uit jouw jeugd die heel diep gingen.


Dingen die voor jou jarenlang hadden meegespeeld.


Ik hoorde jouw versie van je verleden.


En ik wil vandaag heel duidelijk zijn:


**Ik heb jouw verhaal gehoord en serieus genomen.**


Maar ik was er ook bij toen jij steeds meer vastliep.


Want vlak na mijn scheiding verloor jij je baan.


Mijn zus ging steeds verder achteruit.


Jij zat thuis.


En ineens was er heel veel ruimte om terug te kijken naar alles wat er in jouw leven was gebeurd.


Je wilde antwoorden.


Je wilde begrijpen waarom dingen waren gegaan zoals ze waren gegaan.


En je ging zoeken.


Dat deed je altijd al.


Jij kon dingen op internet vinden waar een normaal mens nooit op zou komen.


Je onderzocht.


Je zocht.


Je ploos uit.


En soms ging je daar ook veel te ver in.


Maar ook daarin zat diezelfde behoefte:


Begrijpen wat er werkelijk aan de hand was.


Ik heb je in die periode ook proberen te helpen met je werk.


Ik ging mee naar sollicitaties.


Ik zat naast je wanneer je zenuwachtig was.


En ik herinner me nog een videogesprek met een leidinggevende.


Mijn zus werd naar boven gestuurd omdat zij te emotioneel was.


En ik lag samen met jullie hond op de grond onder de tafel terwijl ik jou op de achtergrond antwoorden probeerde in te fluisteren op moeilijke vragen.


We konden daar achteraf gelukkig enorm om lachen.


Dat zijn de herinneringen die ik wil bewaren.


Niet omdat alles goed was.


Maar omdat ze echt waren.


En jullie hond hoorde daar altijd bij.


Ze was voor jou en mijn zus geen gewone hond.


Zij was jullie kind.


Jullie bindende factor.


Jullie gezin.


En als ik aan jou en mijn zus denk, loopt zij daar altijd doorheen.


Maar ondertussen werd het leven steeds zwaarder.


Je alcoholgebruik nam toe.


Je wantrouwen nam toe.


Er kwamen camera’s.


Zelfs in de koelkast.


Je wilde weten wat er gebeurde.


Je wilde controle.


Je werd steeds achterdochtiger.


De ruzies met mijn zus werden heftiger.


Ook met buren en anderen om je heen liep het steeds vaker uit de hand.


En langzaam zag ik iemand die steeds verder vast kwam te zitten in zijn eigen leven.


Dat vind ik misschien wel het verdrietigste aan jouw laatste jaren.


Niet alleen dat je ziek werd.


Maar dat je steeds minder mogelijkheden leek te zien om uit je eigen patronen te komen.


En dat geldt ook voor mijn zus.


Achteraf zie ik veel beter hoe jullie elkaar soms versterkten in plaats van hielpen.


Jullie hadden allebei mensen om je heen die vanuit liefde probeerden te beschermen.


Mijn moeder.


Vriendinnen van mijn zus.


Familie.


Mensen die het beste met jullie voor hadden.


Maar soms kan bescherming ook een muur worden.


En soms kan iemand die voortdurend wordt beschermd, steeds minder goed verdragen dat iemand zegt:


“Misschien ligt het niet alleen aan de ander.”


Dat is geen oordeel.


Dat is wat ik achteraf ben gaan begrijpen.


En misschien is dat ook wel waarom onze eigen relatie soms zo ingewikkeld was.


Wij konden verschrikkelijk boos worden op elkaar.


Maar we bleven niet eindeloos in die boosheid hangen.


We konden later weer tegenover elkaar zitten.


Praten.


Terugkijken.


En soms zelfs lachen om wat er was gebeurd.


Omdat we allebei wisten dat er onder die boosheid iets anders zat.


En dat vind ik bijzonder.


Want ondanks alles was er tussen jou en mij respect.


Misschien juist omdat we elkaar zo goed konden raken.


En omdat we elkaar dingen konden vertellen die we niet overal kwijt konden.


Er is nog één beeld dat voor mij misschien wel het meest bijzondere van allemaal is.


Mijn moeder lag op haar sterfbed.


Jij en zij hadden in de loop van de jaren genoeg met elkaar meegemaakt.


Ze konden elkaar behoorlijk haten.


En toch was jij degene die haar uiteindelijk heeft verlegd.


Niet ik.


Ik bood het aan.


Maar jij kon het beter.


Met jouw enorme lichaam zorgde jij ervoor dat mijn moeder comfortabel lag.


En daar stond jij.


Mijn zwager.


De man met wie mijn moeder zoveel ruzie had gehad.


De man die haar op dat moment misschien wel beter kon helpen dan haar eigen zoon.


Dat is Bart.


En daarom wil ik jou vandaag niet reduceren tot je fouten.


Maar ik ga ze ook niet ontkennen.


Je was een ingewikkeld mens.


Je kon dominant zijn.


Je kon eigenwijs zijn.


Je kon grenzen overschrijden.


Je kon mensen tegen je in het harnas jagen.


Je kon je eigen waarheid soms zo sterk geloven dat er nauwelijks nog ruimte was voor een andere werkelijkheid.


Maar je kon ook loyaal zijn.


Je kon beschermen.


Je kon zorgen.


Je kon ontzettend veel liefde geven.


En je kon er zijn wanneer iemand het echt nodig had.


Dat is de Bart die ik heb gekend.


En daarom wil ik ook iets zeggen tegen iedereen die jou kende, op welke manier dan ook.


Een mens bestaat nooit uit één verhaal.


Ook jij niet.


Iedereen hier heeft waarschijnlijk zijn eigen Bart.


De Bart van vroeger.


De Bart van de familie.


De Bart van het werk.


De Bart van de ruzies.


De Bart van de mooie momenten.


Ik heb weer een andere Bart gekend.


Ik heb een Bart gekend die mij na mijn scheiding overeind probeerde te houden.


Een Bart die mij ging zoeken op zijn fiets omdat hij bang was dat ik mezelf iets zou aandoen.


Een Bart met wie ik urenlang over het leven sprak.


Een Bart die mij dingen toevertrouwde die ik nooit zal vergeten.


En ook een Bart die uiteindelijk zelf zo vastliep dat hij niet meer wist hoe hij uit zijn eigen leven moest komen.


Ik denk niet dat één van ons het volledige verhaal kent.


Misschien kende jij zelf het volledige verhaal niet eens.


En misschien is dat wel iets wat we allemaal mee moeten nemen.


Dat we soms denken dat we precies weten hoe iemand is.


Terwijl we eigenlijk maar een stukje van die persoon kennen.


Ik heb dat zelf ook moeten leren.


En misschien is dat uiteindelijk het grootste verdriet.


Dat er zoveel is besproken.


Zoveel is gedacht.


Zoveel is aangenomen.


Terwijl mensen soms gewoon met elkaar hadden moeten praten.


Jij en ik hebben dat gelukkig wel gedaan.


Niet altijd.


Niet altijd goed.


Maar vaak genoeg om te weten dat achter een boze Bart ook een verdrietige Bart zat.


En achter een moeilijke Bart ook een Bart die ontzettend graag gezien wilde worden.


Ik had je graag gegund dat je dat zelf nog veel eerder had kunnen zien.


En dat je hulp had kunnen vinden die echt bij jou paste.


Ik denk dat je daar uiteindelijk niet meer aan toe bent gekomen.


En daar ben ik verdrietig om.


Want ondanks alles wat er tussen mensen is gebeurd, ondanks alles wat jij fout hebt gedaan en ondanks alles wat anderen jou hebben aangedaan, blijf jij onderdeel van mijn leven.


Dertig jaar.


Dat verdwijnt niet omdat iemand doodgaat.


Ik zal je blijven herinneren.


Als mijn zwager.


Als de man die bij mijn eerste aquariumachterwand al wist dat ik het verkeerd deed.


Als de man die voor mijn zus ging staan.


Als de man die jullie hond aanbad.


Als de man die alles verzamelde wat los en vast zat.


Als de man die werkelijk overal een mening over had.


Als de man met wie ik verschrikkelijk ruzie kon maken.


Als de man met wie ik daarna weer gewoon door één deur kon.


Als de man die mij na mijn scheiding niet liet vallen.


Als de man die mij ging zoeken op zijn fiets.


Als de man die mij zijn diepste verhalen vertelde.


Als de man die mijn moeder op haar sterfbed hielp.


Als de man die uiteindelijk zelf steeds meer verdwaalde.


En als de man die ik, ondanks alles, vandaag mis.


Bart,


Ik hoop dat je nu rust hebt.


Geen ruzies meer.


Geen angst meer.


Geen zoeken meer.


Geen controle meer.


Geen strijd meer.


En als er ergens aan de andere kant een deur opengaat, hoop ik vooral dat jullie hond daar staat.


Want eerlijk gezegd denk ik dat jij haar als eerste zou willen zien.


Rust zacht, ouwe bolle.


En bedankt voor die dertig jaar.


Je was niet gemakkelijk.


Maar je was wel mijn zwager Bart.


Dag.


De herschreven versie voor het afscheid


Daar sta ik dan.


Met mijn Fuck Tis-shirt aan.


Ik heb erover nagedacht of dit wel het juiste shirt was voor vandaag. Maar toen dacht ik: als iemand een ongepaste keuze waarschijnlijk wel kon waarderen, dan was jij het.


Want jij hield van een beetje sensatie, wat reuring en vooral van een stevige mening.


En een mening had je.


Dat ontdekte ik al tijdens onze eerste ontmoeting. Ik was thuis in de schuur bezig met, volgens mij, mijn vijfhonderdste aquariumachterwand. Jij keek ernaar en wist vrijwel onmiddellijk te vertellen dat ik het helemaal verkeerd deed.


Je hoefde daar niet eens lang over na te denken.


Dat was mijn eerste kennismaking met Bart.


Je kwam niet voorzichtig binnen. Je was er. Groot, uitgesproken en overtuigd van wat je vond. Bij jou hoefde niemand lang te twijfelen over hoe je ergens over dacht. Meestal wist de rest het al voordat ze zelf hadden bedacht wat ze ervan vonden.


Maar achter die grote aanwezigheid zat voor mij iemand die vooral trouw was aan de mensen van wie hij hield.


Toen jij in het leven van mijn zus kwam, ging je voor haar staan. Letterlijk en figuurlijk. Op kermissen, op feesten en op de momenten waarop jij dacht dat zij je nodig had. Beschermen was jouw manier van liefhebben. Misschien niet altijd subtiel, maar subtiel stond sowieso niet bovenaan jouw lijst met favoriete eigenschappen.


Als jij voor iemand koos, dan koos je volledig.


Dat heb ik zelf ook ervaren.


Na mijn scheiding zat ik er volledig doorheen. Jij bleef naast mij staan. Je luisterde naar mijn verhaal, stelde vragen en vormde niet meteen een oordeel. Als jij dacht dat iemand je nodig had, liet je diegene niet zomaar vallen.


Tijdens een van mijn wandeltochten was je bang dat het niet goed met mij ging. Dus stapte je op je fiets, toen nog zonder elektrische ondersteuning, en ging je mij zoeken. Niet alleen even bellen of afwachten, maar daadwerkelijk op die fiets stappen om te kijken waar ik was.


Dat was jij.


Wanneer het er echt toe deed, kwam je in beweging.


En, Bart, daarmee heb je ook bewezen dat je best sportief kon zijn. Er moest alleen voldoende reden voor zijn.


In die jaren ontstond tussen ons een intens contact. We praatten urenlang over het leven, werk, relaties, familie en alles wat ons bezighield. Zo kwam ik erachter dat die grote man met zijn stellige mening ook iemand was die nadacht, voelde en probeerde te begrijpen waarom het leven liep zoals het liep.


Je wilde dingen weten. Je kon op internet informatie vinden op plekken waarvan Google waarschijnlijk zelf niet wist dat ze bestonden. Als iets je bezighield, zocht je het uit. Je liet niet los voordat je dacht te begrijpen hoe het zat.


En als jij eenmaal dacht te weten hoe het zat, kon de rest van de wereld maar beter met heel goede argumenten komen.


Die vasthoudendheid hoorde bij jou. Ik waardeerde dat en heb veel van je kunnen leren.


Juist omdat je zo overtuigd kon overkomen, vond ik het bijzonder dat ik ook je onzekerheid mocht zien. Ik weet nog dat ik je probeerde te helpen met je werk. Ik vergeet nooit dat ik tijdens een videogesprek met een leidinggevende samen met jullie hond onder de tafel lag, terwijl ik jou antwoorden probeerde in te fluisteren.


Ik weet nog steeds niet of dat het beste sollicitatieadvies uit mijn carrière was.


Maar we konden er later gelukkig ontzettend om lachen.


Jullie hond hoorde altijd bij jou en mijn zus. Ze was geen gewone hond. Ze was jullie kind, jullie gezin en een bron van liefde en troost. Als ik aan jullie denk, zie ik haar daar altijd tussendoor lopen. En ik weet hoeveel je haar hebt gemist.


En Bart, misschien was een van jouw mooiste kwaliteiten wel dat je iemand niet reduceerde tot één ruzie of één verkeerd moment.


Wij waren bij tijd en wijle behoorlijk bedreven in ruziemaken. We konden allebei uitstekend uitleggen waarom de ander het volledig verkeerd zag. Soms zelfs meerdere keren, voor het geval de boodschap de eerste keer niet duidelijk genoeg was overgekomen.


Maar daarna konden we meestal snel weer tegenover elkaar zitten. We praatten, keken terug en konden soms zelfs lachen om wat er was gebeurd.


Onder die botsingen bleef iets bestaan wat voor mij belangrijk was: respect. We wisten allebei dat één ruzie niet betekende dat alles wat daarvoor bestond ineens verdwenen was.


Een ander beeld dat ik altijd bij me zal dragen, is dat van mijn moeder op haar sterfbed. Jij en zij hadden in de loop van de jaren genoeg met elkaar meegemaakt. Toch was jij degene die haar uiteindelijk goed legde.


Niet ik.


Ik bood het aan, maar jij kon het beter. Met jouw grote lichaam hielp je haar voorzichtig en zorgde je ervoor dat ze comfortabel lag. Op dat moment deed je gewoon wat nodig was.


Ook dat was jij.


Je kon aanwezig zijn, luid en uitgesproken. Maar je kon ook zorgen. Je kon beschermen. Je kon trouw blijven wanneer anderen afstand namen. En als iemand je werkelijk nodig had, stond je er.


Iedereen hier zal zijn eigen herinneringen aan jou hebben. De Bart van de familie. De Bart van het werk. De Bart van vroeger. De Bart met zijn verhalen en zijn mening over werkelijk alles.


En natuurlijk de Bart die alles verzamelde wat los en vast zat. Waarschijnlijk omdat je ervan overtuigd was dat het ooit nog van pas zou komen. En het irritante was dat je daar soms nog gelijk in had ook.


Mijn Bart is de man die voor mijn zus ging staan. De man die hun hond aanbad. De man die mij na mijn scheiding niet liet vallen. Die op zijn fiets stapte om mij te zoeken. Met wie ik uren over het leven sprak. Met wie ik stevig ruzie kon maken en daarna weer kon lachen. En de man die mijn moeder hielp toen zij dat zelf niet meer kon.


Dertig jaar lang was je mijn zwager. Dertig jaar aan gesprekken, meningen, botsingen, humor en herinneringen. Dat verdwijnt niet omdat iemand er niet meer is.


Bart, ik hoop dat je rust hebt gevonden.


En als er ergens aan de andere kant een deur opengaat, hoop ik vooral dat jullie hond daar staat. Want eerlijk gezegd denk ik dat jij haar als eerste zou willen zien.


Al vermoed ik dat je, nog voordat je goed en wel binnen bent, eerst even uitlegt hoe die deur eigenlijk opgehangen had moeten worden.


Rust zacht, ouwe bolle.


Bedankt voor die dertig jaar.

Opmerkingen

Beoordeeld met 0 uit 5 sterren.
Nog geen beoordelingen

Voeg een beoordeling toe
bottom of page